Aspartaam

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Aspartaam
Structuurformule en molecuulmodel

Structuur van aspartaam
Algemeen
Molecuulformule C14H18N2O5
IUPAC
3-amino-4-[(1-methoxy-1-oxo-3-fenylpropan-2-yl)amino]-4-oxobutaanzuur
Andere namen
E951, 'N-L-a-aspartyl-L-fenylalanine
1-methyl ester
Molmassa 294,30 g/mol
SMILES
COC(=O)C(CC1=CC=CC=C1)NC(=O)C(CC(=O)O)N
InChI
InChI=1/C14H18N2O5/c1-21-14(20)11(7-9-5-3-2-4-6-9)16-13(19)10(15)8-12(17)18/h2-6,10-11H,7-8,15H2,1H3,(H,16,19)(H,17,18)/f/h16-17H
CAS-nummer 22839-47-0
EG/EINECS/ELINCS 245-261-3
PubChem 2242
Beschrijving kunstmatige zoetstof
Waarschuwingen en veiligheidsmaatregelen
LD50 (ratten) > 10 g/kg mg/kg
Fysische eigenschappen
Aggregatietoestand vast
Dichtheid 1,3 g/cm³
Smeltpunt 240 - 247 °C
Oplosbaarheid in water 1% (20°C) g/L
Nutritionele eigenschappen
ADI 40 mg/kg lichaamsgewicht
Type additief zoetstof
E-nummer E951
Waar mogelijk zijn SI-eenheden gebruikt. Tenzij anders vermeld zijn standaardomstandigheden gebruikt (298,15 K of 25 °C, 1 bar)

Aspartaam is een kunstmatige zoetstof die 160 tot 200 maal zo zoet is als suiker, en die ook wel bekend staat als E951.

Inhoud

[bewerk] Chemische samenstelling

Chemisch gezien is aspartaam de methylester van het dipeptide dat bestaat uit de aminozuren asparaginezuur en fenylalanine, aangevuld met methanol. De zoetstof heeft de stereo-isomeer L-fenylalanine. De variant met D-fenylalanine smaakt niet zoet, omdat het door zijn structuur niet kan binden aan de smaakpapillen voor zoetheid op de tong. Zowel asparaginezuur als fenylalanine zijn normaal in onze voeding voorkomende aminozuren, beiden voorkomend in de groep van de twintig aminozuren waaruit alle menselijke en dierlijke eiwitten zijn opgebouwd, en die beide 5 à 10 procent daarvan uitmaken, afhankelijk van de bron van het eiwit.

[bewerk] Ontdekking

De zoetstof werd in 1965 ontdekt door James Schlatter, die bij G.D. Searle & Co, in Skokie, Illinois, Verenigde Staten, werkte. Hij deed onderzoek naar het ontwikkelen van een medicijn tegen maagzweren en maakte daartoe een reeks van verbindingen die telkens uit twee aminozuren bestonden. Een van de ontwikkelde verbindingen bestond uit asparaginezuur en fenylalanine. Schlatter ontdekte de zoetheid van aspartaam toen hij aan een vinger likte, omdat hij een stuk papier wilde oppakken. Het bleek dat zijn vinger vervuild was met de door hem gesynthetiseerde stof aspartaam. De stof werkte weliswaar niet zoals eigenlijk bedoeld was, maar het leidde wel tot een groot commercieel succes voor de firma.

In de tijd dat aspartaam nog beschermd was kon de firma hoge prijzen verlangen voor de zoetstof, die opliepen tot 100 dollar per kilogram. Om een zelfde zoetkracht te bereiken als met suiker, was zo weinig nodig, dat de kosten voor het zoeten met aspartaam nog altijd lager waren dan de kosten voor het verbruik van suiker.

G.D. Searle & Co werd in 1987 voor 2,7 miljard dollar overgenomen door Monsanto. In 2000 werd het onderdeel NutraSweet Company doorverkocht aan J.W. Childs voor 440 miljoen dollar.

[bewerk] Producenten

Aspartaam wordt in de handel gebracht onder de namen Nutrasweet® en Canderel®, daarnaast is er nog de merknaam Equal®, dat voornamelijk in de VS op de markt is.
Aspartaam werd onder andere geproduceerd door HSC (Holland Sweetener Company) in Geleen, een joint-venture van DSM en Tosoh uit Japan. Het door HSC gebruikte productieproces maakte gebruik van biotechnologie, waardoor de opbrengst van de zoete variant optimaal is. In 2005 produceerde HSC 3000 ton aspartaam en een afgeleid product genaamd Twinsweet (een combinatie van aspartaam en acesulfaam). De prijserosie heeft ertoe geleid dat HSC in 2006 met de productie van aspartaam gestopt is.
Aspartaam wordt ook door NutraSweet Company (als NutraSweet®), een onderdeel van J.W. Childs, door Ajinomoto uit Japan en door Merisant (als Candarel® en Equal®) gemaakt.

In 1992 verliep het patent op aspartaam, zodat het tegenwoordig vrij door eenieder kan worden geproduceerd en daardoor is de verkoopprijs sterk omlaag gegaan.

Per 2007 wordt 18.000 ton aspartaam per jaar geproduceerd en groeit de productie van aspartaam 5% per jaar[1].

[bewerk] Enzymatische productie

Bij de enzymatische productie[2] wordt gebruik gemaakt van het enzym thermolysine dat verkregen wordt uit de bacterie Bacillus proteolicus of thermoproteolyticus, die voorkomt in de warme zee rondom Japan. Het enzym is stabiel tot 60 °C. Het enzym werkt stereoselectief, waardoor alleen het werkzame L-isomeer wordt geproduceerd. De biotechnologische reactie wordt uitgevoerd in een waterig milieu bij 50 °C. Deze reactie wordt gevolgd door een chemische reactie, waarbij bij het tussenproduct een methylestergroep wordt gehydrolyseerd met een zoutzuuroplossing. Gevolgd door een behandeling met waterstof in aanwezigheid van een palladium-katalysator en methanol zal aspartaam in de oplossing neerslaan (aspartaam is namelijk slecht oplosbaar). De opbrengst uit deze reactie is 99,99%.

[bewerk] Chemische productie

Het lijkt makkelijk om twee aminozuren met elkaar te verbinden via een chemische weg[3] [4]. In dit geval zijn er echter een aantal storende factoren, wanneer de uitgangstoffen worden genomen en deze bij elkaar worden gevoegd.

  1. Aspartaam werkt alleen met een van de enantiomeren van fenylalanine (de L-vorm). Indien de reactie niet wordt gecontroleerd zal een racemisch mengsel ontstaan en is de opbrengst van aspartaam laag.
  2. Ook asparaginezuur bestaat in 2 vormen. De combinatie van 2 racemische mengsels van zowel de fenyalanine en asparaginezuur maakt de opbrengst nog lager.
  3. Ook wanneer asparaginezuur en fenylalanine in de juiste enantiomeren met methanol worden gecombineerd, is de opbrengst van aspartaam laag. Asparaginezuur heeft 2 zuurgroepen, waarmee de aminogroep van fenylalanine zou kunnen reageren (een condensatie, waarbij een watermolecule vrijkomt).
  4. Fenylalanine heeft zowel een aminogroep als een zuurgroep en zou dus ook een condensatie reactie kunnen aangaan met een andere fenylalanine.
  5. De methanol kan reageren met 3 ter beschikking staanden zuurgroepen (2 bij asparaginezuur en 1 bij fenylalanine) en maar 1 groep is de juiste.

Daarom moeten de reacties in een speciale volgorde verlopen:

  1. Men werkt alleen met de juiste enantiomeren van zowel asparaginezuur als fenylalanine.
  2. In een voorreactie wordt eerst het methanol in een condensatiereactie verbonden aan fenylalanine.
  3. Bij asparaginezuur wordt de aminogroep beschermd door er een carbobenzyloxy-groep (Cbz) aan te hangen en de zuurgroep het dichtst bij de aminogroep wordt beschermd door er een benzyl-groep aan te hangen, zodat alleen de juiste zuurgroep kan reageren met de fenylalanine.
  4. De zuurgroep van asparaginezuur die moet reageren met fenylalanine wordt geactiveerd met BOP (benzotriazol-1-yloxytris(dimethylamino)phosphonium hexafluorofosfaat), ook wel bekend als Castro's reagens.
  5. Nu kunnen de ontstane stoffen bij elkaar worden gevoegd. De fenylalanine vervangt de BOP op het asparaginezuur-derivaat.
  6. De beschermde groepen, de carbobenzyloxy-groep en de benzyl-groep, moeten weer worden verwijderd, waarna het aspartaam is ontstaan.

[bewerk] Gebruik

Aspartaam wordt vooral gebruikt voor het zoeten van 'light' frisdranken en andere voedingsmiddelen die koud bereid kunnen worden.
Aspartaam valt al bij temperaturen die licht boven kamertemperatuur liggen uit elkaar en verliest daardoor zijn zoete smaak. Hierdoor is aspartaam niet geschikt voor voedingsmiddelen die na toevoeging verhit moeten worden.

Daarnaast verliest de stof zijn zoetheid na verloop van tijd doordat de stof niet stabiel is. De bij het verval ontstane stoffen zijn smaakloos en beïnvloeden de smaak van het product niet. De stoffen die daarbij ontstaan kunnen echter wel andere gevolgen hebben voor het menselijk lichaam; zie daarvoor verder onder metabolisme. In dranken zoals cola en andere koolzuurhoudende en zure frisdranken is de stof tot een half jaar houdbaar.

Aspartaam is een zoetstof, die qua smaak zeer dicht bij suiker komt.

De FDA heeft een aanvaardbare dagelijkse inname (ADI) van 50 mg/kg lichaamsgewicht bepaald. Dat komt overeen met 22 blikjes light (7 liter) frisdrank per dag voor een man van 80 kg en met 15 blikjes (5 liter) voor een vrouw van 55 kg. De Europese Unie heeft een ADI van 40 mg/kg lichaamsgewicht vastgelegd.

Onderzoeken in verschillende landen hebben aangetoond dat gemiddeld 2 tot 4 mg/kg aspartaam per persoon wordt ingenomen in Europese landen. Een hoge inname van meer dan 10 mg/kg treedt op bij 2,5% van de onderzochte personen.[5]

[bewerk] Metabolisme

Aspartaam is een dipeptide en wordt, net als andere eiwitten, door de spijsverteringsenzymen (peptidase en esterase) afgebroken. Het wordt in de aminozuren asparaginezuur en fenylalanine omgezet. Deze aminozuren komen ook in eiwitten in het dagelijks voedsel voor in combinatie met andere aminozuren. Het aspartaat (de geïoniseerde vorm van asparaginezuur) wordt snel gemetaboliseerd, zodat deze stof niet in verhoogde niveaus in het bloed wordt aangetroffen, ook niet bij een excessief gebruik van aspartaam. De verhoging van de concentratie van fenylalanine in het bloed, als gevolg van een hoge dosis aspartaam, is weliswaar meetbaar maar komt niet boven gemeten concentraties na een maaltijd[5].

Bij de afbraak ontstaan ook geringe hoeveelheden methanol, dat geoxideerd wordt eerst tot formaldehyde en dat weer tot mierenzuur.

[bewerk] Afbraakproducten

Aspartaam is niet een stabiel product, het wordt afgebroken. Na langere aanwezigheid in een light frisdrank is een gedeelte van de aspartaam afgebroken tot aspartylfenylalanine diketopiperazin (DKP) en ook fenylalanine wordt aangetoond. DKP zou onder bepaalde omstandigheden in de darmen tot een nitrosoamine kunnen worden omgezet, hetgeen een kankerverwekkend product zou kunnen opleveren. DKP heeft een ADI van 7,5 mg/kg.

[bewerk] Toelating door de FDA

De toelating van aspartaam in de Verenigde Staten door de Food and Drug Administration verliep niet geheel zonder problemen, aanvankelijk was er een vermoeden dat aspartaam de kans op ontstaan van hersentumoren bij laboratoriumratten vergrootte. In 1974 werd de stof door de FDA in eerste instantie vrijgegeven, maar de FDA herriep die beslissing en verlangde in 1975 nog verdere tests. Uiteindelijk werd op grond van de testen de stof in 1981 toegelaten voor het gebruik in droge voedingsmiddelen op voorwaarde dat op het etiket werd vermeld: bevat fenylalanine. Daarna volgde in 1983 de toelating voor koolzuurhoudende dranken; voor overige voedingsmiddelen in 1993. Donald Rumsfeld, van 1977 tot 1985 CEO van G.D. Searle, heeft veel bijgedragen aan de toelating van aspartaam.

Bij later uitgebreid onderzoek is echter geen verband onomstotelijk aangetoond, en werd aspartaam ook in de Verenigde Staten toegelaten voor menselijke consumptie. Hierdoor is aspartaam één van de meest geteste stoffen die ooit door de FDA zijn toegelaten.

[bewerk] Vermeende risico's

In 1984 worden voor het eerst kritische kanttekeningen geplaatst bij het gebruik van aspartaam. Het Amerikaanse burgerinitiatief Common Cause beweert dat de testen die voor de toelating werden gebruikt, vol fouten zitten. In 1983 plaatst de Britse krant The Guardian bij toelating in Groot-Brittannië een hele serie artikelen tegen de zoetstof. Zo zou aspartaam onder andere het hongergevoel bevorderen, de bloeddruk verhogen, de pijngevoeligheid van het lichaam beïnvloeden, en zou het slapeloosheid veroorzaken.

Aan het eind van de tachtiger jaren wordt beweerd dat het oogziekten en psychiatrische ziekten zou veroorzaken. In 1990 wordt door The Guardian beweerd dat testen door de producent van NutraSweet waren vervalst.

In 2002 evalueert de EFSA (Europese autoriteit voor voedselveiligheid) van alle tot op dat moment verrichte wetenschappelijke onderzoeken[5]. Zij ziet daarbij geen reden om haar aanbeveling van een toelaatbare dagelijkse inname van maximaal 40 mg per kilogram lichaamsgewicht te wijzigen.

Desondanks is nog steeds niet iedereen overtuigd van de veiligheid van aspartaam. Een onderzoek[6] in het Italiaanse Bologna suggereert dat er toch een verhoogd risico op kanker aanwezig was, waarop de EFSA in 2005 inzage verzoekt in de primaire onderzoeksgegevens, om de resultaten te kunnen controleren. Vooruitlopend op die controle geeft de EFSA het advies aan gebruikers om hun voedingsgewoonten vooralsnog niet te wijzigen. Uit deze evaluatie blijkt dat er belangrijke methodologische fouten en onjuiste analysetechnieken zijn gebruikt in het onderzoek uit Bologna. Er zijn diverse factoren aanwezig die de resultaten vertekenden. In mei 2006 publiceert de EFSA de volgende bevindingen: "Samenvattend concludeert het panel dat er op basis van alle beschikbare onderzoeksgegevens van het ERF onderzoek [dat uit Bologna], andere recente onderzoeken, en eerdere evaluaties geen reden is om de al eerder gestelde ADI van 40 mg/kg lichaamsgewicht aspartaam te herzien"[7] [8].

De Ramazzini foundation publiceert in maart 2006 nogmaals een onderzoek over het verband van langtijdig gebruik van aspartaam en de ontwikkeling van kanker in de lever en het perifeer zenuwstelsel [9]. Dit is dezelfde groep onderzoekers wier werk door de EU-onderzoeksgroep al eerder als onnauwkeurig en onbetrouwbaar werd verworpen.

[bewerk] Giftigheid door methanol

Zowel formaldehyde als mierenzuur, dat bij de metabolisering van methanol ontstaat, zijn giftig voor het lichaam. Formaldehyde omdat het reageert met de aminozuren in eiwitten en mierenzuur omdat het de functie van mitochondriën in de cel verstoort. De concentratie van methanol in het bloed als gevolg van het gebruik van aspartaam wordt niet verhoogd, wanneer aspartaam met gebruikelijke mate (4 mg/kg tot 10 mg/kg) wordt ingenomen. Slechts bij een dosis waarbij uitzonderlijk veel light-producten met aspartaam worden geconsumeerd (>50 mg/kg aspartaam) is een effect op de methanolconcentratie in bloed waarneembaar[5]. Methanol komt ook voor in vruchtensappen (via pectine[10]) en in alcoholische dranken zoals bier en wijn (in combinatie met ethanol welke de giftige werking van het methanol blokkeert, doordat methanol niet wordt gemetaboliseerd in aanwezigheid van voldoende ethanol) [11][12]).

[bewerk] Verhoogde concentratie van fenylalanine en aspartaam in het bloed

De bedenkingen richten zich hier op het verschil tussen opname van deze aminozuren in combinatie met andere aminozuren (zoals het geval is bij normaal eten) en de geïsoleerde inname als gevolg van het gebruik van aspartaam.

[bewerk] Neuroendocriene concentratieveranderingen in de hersenen

De bedenkingen richten zich hier op veranderde concentraties van dopamine, serotonine en noradrenaline (neurotransmitters) in de hersenen, die ertoe zouden kunnen leiden dat signalenoverdracht in de hersenen wordt gestoord. De afwezigheid van overige aminozuren wanneer aspartaam wordt ingenomen, kan leiden tot een lokale overconcentratie van fenylalanine.

[bewerk] Epilepsie, hoofdpijn en hersentumoren

Het ontstaan van tumoren, epilepsie en hoofdpijn zou kunnen ontstaan door de bij de afbraak ontstane methanol en het in het afbraakproces ontstane formaldehyde en mierenzuur, of door de giftigheid van aspartaam zelf.

[bewerk] Mogelijke voordelen

Wetenschappers van de Universiteit van Illinois beweerden dat het gebruik van aspartaam het ontstaan van cariës tegenwerkt [13]. Wetenschappers van de Universiteit van Leeds beweerden dat aspartaam het hongergevoel juist vermindert, hetgeen van pas komt bij het afvallen.

[bewerk] Contra-indicaties

Fenylalanine is voor de mens een essentieel aminozuur, dat wil zeggen zonder dit aminozuur kan men niet leven. Het voorkomen van fenylalanine maakt de zoetstof echter ongeschikt voor lijders aan de stofwisselingsziekte fenylketonurie (FKU); voor hen (ongeveer 1 op 15.000 mensen lijdt aan deze ziekte) staat altijd de waarschuwing "bevat een bron van fenylalanine" op de verpakking van voedingsmiddelen die met aspartaam gezoet zijn.

Ook is voor een kleine minderheid de smaak van aspartaam niet zoet maar zeer onaangenaam. De oorzaak hiervan is waarschijnlijk genetisch, maar is nog niet verder onderzocht.

[bewerk] Overheden die aspartaam proberen te verbieden

In de staat New Mexico zijn in 2006 en 2007 wetsvoorstellen ingediend om gebruik van aspartaam te verbieden [14] [15]. Deze wetsvoorstellen zijn beide niet aangenomen. Door de goedkeuring van aspartaam op federaal niveau zouden serieuze juridische en financiële risico's ontstaan en het laatste voorstel voorzag daarnaast niet in de financiering van de handhaving van het wetsvoorstel [16].

Ook in de Amerikaanse staat Hawaï worden pogingen ondernomen aspartaam te verbieden [17].

[bewerk] Mediavermeldingen

Aspartaam is een controversieel onderwerp. Er zijn vele websites die de onderzoeken naar de veiligheid van aspartaam door zowel de FDA als de producenten van aspartaam in twijfel trekken of ronduit vermelden dat ze vervalst zijn. Er zijn ook verschillende onderzoeken van met name universitaire kringen die proberen aspartaam vanuit een neutraal standpunt te beschrijven. Er bestaat eveneens een aantal websites van met name de producenten van aspartaam, die de door de tegenstanders gemelde negatieve effecten aan de hand van onderzoeken van overheidsinstellingen probeert te ontzenuwen.

Hier volgt een overzicht van de belangrijkste vermeldingen van beide kanten:

[bewerk] Argumenten van de tegenstanders

  • Aspartaam zou mogelijk kankerverwekkend kunnen zijn. Verschillende studies proberen dit aan te tonen maar de conclusie is nog niet definitief. Daarbij wordt ook als argument aangevoerd dat Europa nauwelijks eigen studies heeft gedaan naar aspartaam en dat zij voornamelijk de Amerikaanse goedkeuring voor consumptie van aspartaam heeft overgenomen.
  • Er is een groot aantal bijwerkingen van aspartaam door consumenten gemeld bij de FDA, zoals o.a. hoofdpijn en migraine, smaakverlies, oorsuizingen, duizelingen, misselijkheid en vele anderen[18]
  • In aspartaam zitten de aminozuren fenylalanine en asparaginezuur in geïsoleerde vorm. Alhoewel dit beide essentiële aminozuren zijn en in normaal voedsel gebonden zijn aan eiwitten, zijn er vragen over de risico's van inname van geïsoleerde aminozuren[19].
  • Voor mensen met de zeldzame ziekte fenylketonurie (FKU) is aspartaam gevaarlijk door de fenylalanine (zij moeten sowieso een speciaal dieet volgen).
  • Aspartaam bevat methanol. Vaak wordt geargumenteerd dat vruchtensappen meer methanol bevatten dan een vergelijkbare hoeveelheid light-frisdrank, echter is in vruchtensap de methanol gebonden aan pectine.

[bewerk] Argumenten van de voorstanders

  • De methanol in het lichaam die ontstaat door de metabolisering van aspartaam na het drinken van een glas light frisdrank is minder dan de hoeveelheid die ingenomen wordt bij het drinken van een glas vruchtensap of melk
  • Het product is goed voor de lijn, omdat het weinig calorieën bevat
  • De acceptabele dagelijkse inname (40 mg/kg) is zo hoog, dat het vrij onwaarschijnlijk is dat het wordt bereikt (alleen in extreme gevallen)
  • Onderzoeken hebben aangetoond dat zelfs bij een inname van 75 mg/kg geen negatieve effecten vastgesteld konden worden
  • Fenylalanine en asparaginezuur die in het lichaam worden gevormd uit aspartaam zijn onmisbare aminozuren
  • Aspartaam leidt niet tot cariës in tegenstelling tot suiker
  • Aspartaam kan worden gebruikt door mensen die diabetes hebben

[bewerk] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:
Websites
  1. ^ Food industry news 25.10.2007
  2. ^ Neutraal onderzoek over aspartaam (Franstalig)
  3. ^ ChemCases.com over Nutrasweet (Engelstalig)
  4. ^ 3DChem.com over aspartaam (Engelstalig)
  5. ^ a b c d Scientific Commitee on Food, Europese commissie
  6. ^ http://www.ramazzini.it/fondazione/docs/AspartameGEO2005.pdf Het Bologna- of Ramazzini-onderzoek
  7. ^ EFSA conclusies onderzoek 2005-6
  8. ^ http://www.efsa.europa.eu/etc/medialib/efsa/science/afc/afc_opinions/1471.Par.0001.File.dat/afc_op_ej356_aspartame_en1.pdf
  9. ^ http://www.ehponline.org/members/2005/8711/8711.pdf Ramazzini onderzoek 2006
  10. ^ http://www-biol.paisley.ac.uk/Courses/enzymes/Reading/Methanol.htm University of Paisley
  11. ^ http://www.pubmedcentral.nih.gov/picrender.fcgi?artid=1273030&blobtype=pdf Toediening van Ethanol tijdens Methanol detoxificatie, University of California
  12. ^ http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?cmd=Retrieve&db=PubMed&list_uids=87063527&dopt=Citation Jacobsen D, McMartin KE 1986
  13. ^ http://www.ncbi.nlm.nih.gov/entrez/query.fcgi?cmd=Retrieve&db=PubMed&list_uids=1886826&dopt=Abstract National Center for Biotechnology Information
  14. ^ New Mexico Senate bill 654, Ban aspartame in food products
  15. ^ New mexico wetsvoorstel S498 BAN USE OF ASPARTAME
  16. ^ Fiscal Impact Report
  17. ^ Bericht in Hawaii Reporter
  18. ^ http://www.sweetpoison.com/articles/0706/aspartame_symptoms_submit.html (Eng.) Sweetpoison.com, meldingen van bijwerkingen aan de FDA
  19. ^ http://findarticles.com/p/articles/mi_m0675/is_n6_v10/ai_12934050 (Eng.) findarticles.com, risico's van geïsoleerde aminozuren
Boeken
 
Persoonlijke instellingen